Voor al uw opdrachten, betaalbaar en vertrouwd,  mobiel 06 - 20598067  of  info@bartreindersma.com
De heliogravure is mijn passie. Nadat ik 1981 een week in de universiteitsbibliotheek heb doorgebracht en daarna bijna twee jaar bezig ben geweest om te achterhalen hoe heliogravures gemaakt worden, was ik eindelijk in staat om een aanvaardbaar resultaat te kunnen laten zien. Zo moeilijk was het. Overal ben ik in die tijd geweest voor informatie. ( En toen nog zonder internet! ). Zoals bij de fabrikant van het gelatinepapier, Herr. Dr. Heigl van de firma Hanfstaengl in de Widermayerstrasse in  Munchen met wie ik een hele middag getest en uitgeprobeerd heb hoe je de gelatine aan de koperplaat kunt laten hechten, want ook voor hem was het een vergeten proces. Hij, de laborant, met zijn assistent hebben mij op weg geholpen om het ‘fenomeen’ gelatine/heliogravure te leren doorgronden.  Toen ik begreep hoe de heliogravure werkte, toen begon het pas. Langzamerhand werd het een volwassen afdruk. Een mooie afdruk van een met passie geëtste koperplaat. Maar niet alleen dat. Met kennis van, en door de moderne reprografische technieken te koppelen aan een oude techniek, ontwikkelde zich een ongekende vorm; mijn heliogravure. Ik denk daarom ook dat er na ruim 30 jaar maken en doorontwikkelen van de heliogravures er niemand is die er meer vanaf weet dan ik. Het is mijn tweede natuur geworden.  De heliogravure behoort tot de edele processen. Het is een uiterst geraffineerde, maar ook oh, zo moeilijke manier om van bijvoorbeeld een originele  oude gravure een nieuwe koperplaat te vervaardigen die net als het origineel met de hand één voor één ingeinkt, afgeslagen en gedrukt wordt. Maar ook een gewone foto veranderd in een schoonheid zodra deze in een plaat is geëtst en gedrukt wordt met fluweelachtig zachte diepe zwarten en prachtige overgangen in de grijsgebieden. De werking is alsvolgt: Van een origineel wordt een dia gemaakt waar alle grijswaarden van wit tot zwart in voorkomen. Vervolgens wordt deze dia in een vacuumraam  ( dit is een raam wat alles wat er tussen de glasplaat en het rubber eronder zit, vacuum zuigt ) op een stuk gelatinepapier gelegd. Boven het vacuumraam  hangt een lamp. Deze lamp verhard de gelatine. Daar waar het origineel wit is ( en dus transparant in de dia ), verhard de gelatine volledig, daar waar het grijs is verhard de gelatine gedeeltelijk en daar waar het origineel zwart is, verhard de gelatine niet. Vervolgens nemen we een gepolijste koperplaat. In een stuifkast ( dit is een kast gevuld met hars of asfaltpoeder ) stuiven we het poeder omhoog. Dan gaat de plaat in de kast en het poeder dwarrelt zéér fijn verdeelt neer op de plaat. Na enige tijd in de kast te hebben gelegen, wordt de plaat uit de  kast genomen en het poeder aan de plaat vastgesmolten. Dan wordt  de gelatine aan de koperplaat gehecht en in warm water gelegd om te ontwikkelen. Nu spoelt de onbelichte; niet verharde gelatine weg en er ontstaat een reliëfbeeld. Daar waar het origineel zwart is, de gelatine onbelicht is gebleven  en dus niet verhard is, spoelt alle gelatine weg. Daar waar het origineel grijs is, de gelatine gedeeltelijk verhard is, spoelt de gelatine gedeeltelijk weg en daar waar het origineel wit is, de dia transparant en de gelatine geheel verhard is, spoelt helemaal niets weg. Dan wordt de plaat uit het water  genomen en gedroogd met een föhn. De plaat wordt aan de achterkant en aan de randen afgedekt met schellak of iets dergelijks en is nu gereed voor etsing. Als etsmiddel wordt ijzerchloride genomen. IJzerchloride is eigenlijk geen zuur ( ook al wordt ze wel zo bestempeld ), doch een zout wat o.a. van  schroot gemaakt wordt. Uw waterleiding waar wel eens bruin water uit is gekomen, is dan doorgespoeld met ijzerchloride. Een ander voordeel is dat ijzerchloride  niet corrosief is, wat betekent dat het niet door de huid dringt bij aanraking. Je handen worden er alleen maar geel van, wat echter niet wil zeggen dat je jezelf  niet moet beschermen. Het is in ieder geval minder slecht voor het menselijk lichaam als salpeterzuur, zoutzuur, zwavelzuur etc.etc. Indien nu de plaat in de ijzerchloride wordt gelegd dan begint deze de gelatine langzaam te penetreren. Daar waar alle gelatine weg was, etst het middel direct, daar waar het grijs is bijvoorbeeld pas na 15 minuten en daar waar het origineel wit is en de gelatine geheel verhard, komt de ijzerchloride niet bij de plaat. Als het allemaal goed gaat heeft de ijzerchloride overeenkomstig de waarden in het origineel in de plaat geëtst en als ze uit het zuur wordt genomen en de resten van de gelatine  afgespoeld zijn, dan is de plaat als ze op maat geknipt en even opgepoetst is, klaar. Ze wordt één voor één, net als een ets, ingeïnkt, afgeslagen en gedrukt op een etspers en daarmee is iedere afdruk in feite een origineel.
Voor al uw opdrachten, betaalbaar en vertrouwd,  mobiel 06 - 20598067  of  info@bartreindersma.com
De heliogravure is mijn passie. Nadat ik 1981 een week in de universiteitsbibliotheek heb doorgebracht en daarna bijna twee jaar bezig ben geweest om te achterhalen hoe heliogravures gemaakt worden, was ik eindelijk in staat om een aanvaardbaar resultaat te kunnen laten zien. Zo moeilijk was het. Overal ben ik in die tijd geweest voor informatie. ( En toen nog zonder internet! ). Zoals bij de fabrikant van het gelatinepapier, Herr. Dr. Heigl van de firma Hanfstaengl in de Widermayerstrasse in  Munchen met wie ik een hele middag getest en uitgeprobeerd heb hoe je de gelatine aan de koperplaat kunt laten hechten, want ook voor hem was het een vergeten proces. Hij, de laborant, met zijn assistent hebben mij op weg geholpen om het ‘fenomeen’ gelatine/heliogravure te leren doorgronden.  Toen ik begreep hoe de heliogravure werkte, toen begon het pas. Langzamerhand werd het een volwassen afdruk. Een mooie afdruk van een met passie geëtste koperplaat. Maar niet alleen dat. Met kennis van, en door de moderne reprografische technieken te koppelen aan een oude techniek, ontwikkelde zich een ongekende vorm; mijn heliogravure. Ik denk daarom ook dat er na ruim 30 jaar maken en doorontwikkelen van de heliogravures er niemand is die er meer vanaf weet dan ik. Het is mijn tweede natuur geworden.  De heliogravure behoort tot de edele processen. Het is een uiterst geraffineerde, maar ook oh, zo moeilijke manier om van bijvoorbeeld een originele  oude gravure een nieuwe koperplaat te vervaardigen die net als het origineel met de hand één voor één ingeinkt, afgeslagen en gedrukt wordt. Maar ook een gewone foto veranderd in een schoonheid zodra deze in een plaat is geëtst en gedrukt wordt met fluweelachtig zachte diepe zwarten en prachtige overgangen in de grijsgebieden. De werking is alsvolgt: Van een origineel wordt een dia gemaakt waar alle grijswaarden van wit tot zwart in voorkomen. Vervolgens wordt deze dia in een vacuumraam  ( dit is een raam wat alles wat er tussen de glasplaat en het rubber eronder zit, vacuum zuigt ) op een stuk gelatinepapier gelegd. Boven het vacuumraam  hangt een lamp. Deze lamp verhard de gelatine. Daar waar het origineel wit is ( en dus transparant in de dia ), verhard de gelatine volledig, daar waar het grijs is verhard de gelatine gedeeltelijk en daar waar het origineel zwart is, verhard de gelatine niet. Vervolgens nemen we een gepolijste koperplaat. In een stuifkast ( dit is een kast gevuld met hars of asfaltpoeder ) stuiven we het poeder omhoog. Dan gaat de plaat in de kast en het poeder dwarrelt zéér fijn verdeelt neer op de plaat. Na enige tijd in de kast te hebben gelegen, wordt de plaat uit de  kast genomen en het poeder aan de plaat vastgesmolten. Dan wordt  de gelatine aan de koperplaat gehecht en in warm water gelegd om te ontwikkelen. Nu spoelt de onbelichte; niet verharde gelatine weg en er ontstaat een reliëfbeeld. Daar waar het origineel zwart is, de gelatine onbelicht is gebleven  en dus niet verhard is, spoelt alle gelatine weg. Daar waar het origineel grijs is, de gelatine gedeeltelijk verhard is, spoelt de gelatine gedeeltelijk weg en daar waar het origineel wit is, de dia transparant en de gelatine geheel verhard is, spoelt helemaal niets weg. Dan wordt de plaat uit het water  genomen en gedroogd met een föhn. De plaat wordt aan de achterkant en aan de randen afgedekt met schellak of iets dergelijks en is nu gereed voor etsing. Als etsmiddel wordt ijzerchloride genomen. IJzerchloride is eigenlijk geen zuur ( ook al wordt ze wel zo bestempeld ), doch een zout wat o.a. van  schroot gemaakt wordt. Uw waterleiding waar wel eens bruin water uit is gekomen, is dan doorgespoeld met ijzerchloride. Een ander voordeel is dat ijzerchloride  niet corrosief is, wat betekent dat het niet door de huid dringt bij aanraking. Je handen worden er alleen maar geel van, wat echter niet wil zeggen dat je jezelf  niet moet beschermen. Het is in ieder geval minder slecht voor het menselijk lichaam als salpeterzuur, zoutzuur, zwavelzuur etc.etc. Indien nu de plaat in de ijzerchloride wordt gelegd dan begint deze de gelatine langzaam te penetreren. Daar waar alle gelatine weg was, etst het middel direct, daar waar het grijs is bijvoorbeeld pas na 15 minuten en daar waar het origineel wit is en de gelatine geheel verhard, komt de ijzerchloride niet bij de plaat. Als het allemaal goed gaat heeft de ijzerchloride overeenkomstig de waarden in het origineel in de plaat geëtst en als ze uit het zuur wordt genomen en de resten van de gelatine  afgespoeld zijn, dan is de plaat als ze op maat geknipt en even opgepoetst is, klaar. Ze wordt één voor één, net als een ets, ingeïnkt, afgeslagen en gedrukt op een etspers en daarmee is iedere afdruk in feite een origineel.
google193b2a6f2ffe9bbe.html